U bent hier

Panna cotta met frambozencoulis

Panna cotta met frambozencoulis

500 g frambozen (vers of diepgevroren) 
200 g suiker
20 cl water
PANNA COTTA
20 cl volle melk
20 cl vloeibare room
30 g suiker
2,5 blaadjes gelatine
2 zakjes vanillesuiker
1 vanillestok

Panna cotta:

  1. Week de gelatineblaadjes 5 minuten in koud water.
  2. Snij de vanillestok in de lengte open en schraap de inhoud los.
  3. Doe de melk in een pannetje samen met de room, beide suikers en de inhoud van de vanillestok.
  4. Snij de vanillestok in grote stukken en doe ze ook bij de melk. Breng aan de kook. Haal van het vuur en laat 10 minuten rusten.
  5. Vis de stukken vanillestok uit de vloeistof en warm opnieuw op.
  6. Wring de geweekte gelatineblaadjes uit en laat ze smelten in de warme vloeistof, onder voortdurend roeren. Haal van het vuur en laat een beetje afkoelen.
  7. Giet de panna cotta in de vormpjes, laat volledig afkoelen en zet minstens 3 u in de koelkast, tot de panna cotta gestold is.

Frambozencoulis:

  1. Breng het water met de suiker aan de kook.
  2. Doe de frambozen bij de siroop en laat 5 minuten zachtjes doorkoken.
  3. Zet de staafmixer in de warme brij en mix tot een gladde saus. Giet door een zeef om de kleine pitjes van de frambozen te verwijderen en laat lauw worden. 

Afwerking:

  1. Dompel de vormpjes met pannacotta in warm water, zodat de randen gemakkelijker loskomen.
  2. Stort de panna cotta’s op een schaal en giet er lauwe of koude frambozencoulis over.
  3. Serveer met de rest van de coulis in een apart kannetje.